Een onderzoek naar liefde
Twee jaar geleden tijdens de zomer startte ik een onderzoek naar liefde. Ik ging op zoek naar wat liefde nu juist is en hoe het zich uit. Het bleek bij mij dat liefde en seksualiteit nauw verbonden waren.
Een tijd terug poste ik een vurig schrijven over de verwarring tussen liefde en seksualiteit. Over de snelheid waarmee we in seksualiteit stappen en over het belang van vertraging en afstemming en veiligheid. Het verlangen om respectvol om te gaan met de tussenruimte (de ruimte tussen 2 personen die ontstaat wanneer die in verbinding gaan en hoe zorgzamer ze omgaan met die tussenruimte (en niet voor elkaar) hoe meer bedding er is voor fysieke en emotionele intimiteit).
De laatste weken ben ik opnieuw (onder)zoekend naar wat liefde nu eigenlijk is en deel ik graag dit met jullie.
4 jaar geleden besloten de papa van mijn zoon en ik elkaar los te laten, dat was een daad uit liefde, ookal voelde dat toen zo niet. We blijven in verbinding met elkaar als ouders en komen al onze oude relatiepatronen tegen, die we bespreekbaar maken en aankijken om een goede papa en mama te kunnen zijn voor onze zoon, dat is liefde.
Hij is een paar weken geleden gaan samen wonen met zijn nieuwe partner, een prachtige vrouw waar ik zo dankbaar voor ben, want ik zie hun liefde voor elkaar, dat elkaar gunnen, dat is liefde.
Het pikt bij mij dat mijn zoon voor de helft opgroeit bij een andere vrouw, ongeacht hoe ik zie hoe liefdevol zij met hem is, het doet me pijn, daarbij zijn, dat toelaten, dat is liefde.
Mijn hoofd draait met momenten op volle toeren dat hij iemand nieuw in zijn leven heeft en ik niet, dat ik door mijn werk gewoon geen ruimte heb voor een partner en dat ik misschien, wanneer ik heel eerlijk ben, écht bang ben om mijn hart opnieuw open te stellen, daar eerlijk over zijn, voelt als liefde.
Meer en meer besef ik dat liefde gaat over aanwezig zijn, voelen wat er is, ruimte laten, niet willen veranderen en ook niet persé willen aanvaarden wel erbij zijn, eerlijkheid...
en dan besef ik dat dit iets is dat de meesten verlangen en waar we allemaal ons stinkende best voor doen om dit te leven en hiernaar te leven...
alleen dragen we allemaal een rugzak waar we ons bewust of niet bewust van zijn, zijn we allemaal anders bedraad en gaan er andere alarmen af wanneer we bepaalde draden aanraken...
Ken je dat beeld, ik denk dat het Afrikaans is, dat wanneer iemand iets gedaan heeft dat niet oké voelt voor de groep, ze die persoon uitnodigen in het midden van de cirkel en die allemaal complimenten geven? Hartverwarmend vind ik het.
Toen besefte ik...
Doe ik dat met mezelf, doe ik dat met delen van mezelf die ik niet oké vind? Hoe waardevol zou dat zijn, dat is ook het principe van ho'oponopono
Doe ik dat met de mensen die mij gekwetst, geraakt hebben? Mijn ouders, mijn vorige partners, mijn collega's, vriend(inn)en, ....
Dat vraagt iets.
Dat vraagt lef, dat vraagt moed, dat vraagt diep durven kijken en dat vraagt om geen angst meer te hebben voor pijn, dat vraagt om de liefde te zien die vastgebald zit in de pijn en door bij de pijn te zijn, die te voelen, stukje bij stukje de liefde vrij te laten stromen.
Die liefdesstroom, dat is pure levensenergie, pure se*suele energie.
Daar is geen onderscheid tussen, dat is hetzelfde.
Alleen krijgen wij dat (nog) nergens (meer) te zien wat die liefdesstroom is, wat die levensenergie is, wat die se*suele energie is.
We krijgen via de media (tv, internet, reclame, ...) beelden binnen die we koppelen aan liefde, se*sualiteit, ... Beelden die raken aan de essentie waardoor ze voor een stukje resoneren en dan zo doorschieten.
Dus ja, tuurlijk is er verwarring, tuurlijk zijn we (onder)zoekende, ...
En tegelijkertijd weet ik, merk ik, hoor ik, dat we heel goed weten wat er wel en niet klopt, wat wel en niet goed voelt, dat wordt zo stevig wakker. Dat is voor elk van ons anders. Dat is de uitnodiging alsmaar meer om te luisteren en te volgen wat klopt vanbinnenuit. En ook dat vraagt lef en blijvend afstemmen, want het leven blijft bewegen, het is immers een stoom en die blijft stromen.
...
Ik wens het ons, ik wens het mezelf, om alsmaar dieper te mogen zakken in ons bekken, in onze buik en van daaruit het leven te mogen liefhebben, te mogen vrij*en, dansen met het leven.
Alsmaar meer te durven kiezen voor mij en daardoor alsmaar meer ook te kiezen voor jij